|
Karper:De karpers vertegenwoordigen het grootste deel van ons visbestand. Karpers worden tot 120cm lang, ze hebben een vuilwitte buik en goudkleurig lichaam met donkere rug. Karpers kan je aan de haak slaan met mais, patat, maden,? In de warmere perioden van het jaar kan je de grootste exemplaren vangen dichtbij de kant. Je kan ook regelmatig goudkarpers vangen en als je die vangt moet je een pint betalen aan de wegers! :-)BIO Karper (Cyprinus carpio) Naar de karper is de familie Cyprinidae of karperachtigen genoemd waartoe een zeer grote groep verwante vissoorten behoren zoals blank-, riet-, en kopvoorn, serpeling, brasem, zeelt, enz... De verschillende types zijn:
|
![]() |
Giebel:De giebel, familie van de karpers en ook wel witte karper of steenkarper genoemd. Ze worden tot 40cm lang en hebben een zilverwitte kleur. |
![]() |
Brasem:De brasem, ook familie van de karpers met als bijnaam "platte" vanwege zijn dunne vorm .Hij kan tot maximaal 70cm lang worden en een gewicht van 7kg bereiken. Deze heeft een vuilwitte buik met zwarte rug. Deze vissen kan je het best vangen door zo ver mogelijk van de kant te vissen en maden of pier als aas te gebruiken. |
![]() |
Zeelt (Lauw):Deze rustige waterbewoner met een robuust uiterlijk behoort tot de familie van de karperachtigen (Cyprinidae).Het is een uiterst sterke vis die eerder weinig zuurstof nodig heeft in het water en die een lange tijd uit het water kan blijven leven. |
![]() |
Blankvoorn:Gewoonlijk voorn genoemd, behoort tot de familie van de karperachtigen (Cyprinidae). Het is een van de meest voorkomende vissen in ons land. |
![]() |
Rietvoorn:Dikwijls ook ruisvoorn genoemd, behoort zoals de blankvoorn eveneens tot de familie van de karperachtigen (Cyprinidae). Het is een vis die meestal in kleine scholen leeft. |
![]() |
Winde:De winde (Leuciscus idus) is een zoetwatervis die tot de karperachtigen behoort. Hij wordt ook wel "zilverwinde" genoemd. |
![]() |
Baars:Deze roofvis behoort tot de familie van de Percidae of baarsachtigen. Typische kenmerken voor de baarsachtigen zijn hun 2 verschillende rugvinnen, de eerste (voorste) met stekelstralen en de achterste met zachte vinstralen, hun stekelige kieuwdeksels en de ruw aanvoelende schubben. |